HOME
OVER MIKIPEDIA
LANDEN
FOTO’S
VIDEO’S
KUNST
LITERATUUR
BLOG

COLOFONhome.htmlover_mikipedia.htmllanden.htmlfotos_%281%29.htmlvideos.htmlkunst.htmlliteratuur.htmlBlog/Blog.htmlColofon.htmlshapeimage_5_link_0shapeimage_5_link_1shapeimage_5_link_2shapeimage_5_link_3shapeimage_5_link_4shapeimage_5_link_5shapeimage_5_link_6shapeimage_5_link_7shapeimage_5_link_8

Ooit was Ani de glorieuze hoofdstad van een middeleeuws Armeens koninkrijk en kon in belang wedijveren met Constantinopel. Nu is het een verlaten ruïnestad aan de Turkse zijde van de gesloten grens met Armenië.  


Ani werd in 961 door koning Ashot III verkozen als nieuwe hoofdstad van zijn rijk. In de jaren ervoor verbleef hij in Kars maar Ani lag strategischer, namelijk op een driehoekig plateau tussen twee rivieren, waardoor de stad beter te verdedigen was. Onder zijn twee opvolgers groeide de plaats razendsnel en kreeg de bijnaam Stad van 1001 kerken. In 1045 veroverden de Byzantijnen Ani, waarmee de neergang al werd ingezet. De Seltsjoeken namen de stad negentien jaar later in, gevolgd door Georgiërs, Koerden en Mongolen. Een aardbeving in 1319 maakte Ani vervolgens met de grond gelijk; een gewijzigde handelsroute gaf de stad de laatste doodsteek.


Een bezoek aan Ani heeft iets geheimzinnigs. Als je de hoofdingang (de Leeuwenpoort) bent doorgelopen, betreed je een uitgestrekte vlakte met enkele halfvergane kerken. Links grenst het terrein aan een kloof waardoor de rivier de Akhourian stroomt. Aan de overzijde ligt Armenië. Toegegeven, je hebt behoorlijk wat fantasie nodig om je voor te stellen dat dit ooit een stad van meer dan 100.000 inwoners was. En toch geeft een rondgang langs Ani’s resten je iets van een historische sensatie. De wetenschap dat grenswachters je scherp in de gaten houden, doet daar nog een schepje bovenop.




Klik hier voor een overzicht van Ani’s ruïnes. Enkele hoogtepunten zijn:


  1. Kerk van de Verlosser: slechts de helft van dit godshuis staat nog overeind, de andere helft is door een blikseminslag in 1957 verwoest. De kerk dateert van 1034 en werd volgens Armeense inscripties gebouwd om een stukje hout van het Ware Kruis te huisvesten dat vanuit Constantinopel naar Ani was gebracht.

  2. Kerk van de Heilige Gregorius: deze zie je bijna over het hoofd. Hij ligt in de diepte vlakbij de rivier. De Turken noemen dit gebouw Resimli Kilise (Kerk met de plaatjes) vanwege de vele fresco’s die in goede conditie zijn. Het complex is in 1215 door een edelman gebouwd ter ere van Gregorius de Verlichter, de grondlegger van de Armeens Apostolische Kerk.

  3. Kathedraal: Ani’s hoofdkerk. Men begon met de bouw in 987 en voltooide het werk in 1001. De kathedraal heeft drie ingangen: voor de patriarch, voor de koning, en voor de kerkgangers. Toen de Seltsjoeken Ani in 1064 veroverden, veranderden zij de kerk in een moskee en noemden deze Fethiye Camii (Overwinningsmoskee). De muren staan nog overeind maar de koepel is tijdens de aardbeving van 1319 ingestort. Hoewel van een afstand sober ogend heeft de kerk veel ornamenten.

  4. De brug over de Akhourian: de toegang tot de stad vanuit Azië. Mogelijk maakte de brug deel uit van fortificaties langs de rivier. De ingestorte brug symboliseert volgens sommigen treffend de huidige situatie van Ani: afgesloten van zijn oorspronkelijke bewoners.

  5. Menücehr moskee: de eerste Seltsjoekse moskee in Anatolië. Interessant is de mix van Armeense en Seltsjoekse bouwstijlen, mogelijk doordat de Seltsjoeken Armeense architecten in dienst hadden.

 

Ani bereik je vanuit Kars, de koudste plaats van Turkije. In deze mysterieuze stad speelt de roman Sneeuw (kar in het Turks) van Orhan Pamuk zich af, waarin de journalist Ka probeert te achterhalen wat de reden is van een golf aan zelfmoorden onder gesluierde meisjes. Terwijl de stad insneeuwt en afgesloten raakt van de buitenwereld, bezoekt Ka de ouders van de meisjes, én ontmoet hij een jeugdliefde... In Sneeuw schetst Pamuk een beeld van een worstelend Turkije, waarbij de uit Istanbul afkomstige Ka staat voor de (westerse) moderniteit en Kars voor de (oosterse, islamitische) tradities. Niet iedereen in Kars nam hem dit boek in dank af.

Eeuwenlang, ver vóór de Turken, bevolkten Armeniërs het oosten van Anatolië. Daar kwam een eind aan na de genocide van 1915, en na het Verdrag van Kars van 1921. Rusland en Turkije spraken in dit verdrag nieuwe grenzen af, waardoor Kars en Ani (evenals de berg Ararat) in Turkije kwamen te liggen. De Armeniërs kunnen er slechts naar kijken vanuit hun eigen land.